2.0 Drops

Floating in the 2.0 world ~ connected by the web

Google Analytics, enkele tips

Een reactie plaatsen

Afgelopen donderdag kregen we een interne basistraining Google Analytics, verzorgd door Modation. Google Analytics is een gratis dienst van Google om statistieken van een website te verzamelen en gedetailleerd weer te geven. Google Analytics draait op onze bibliotheeksite. Modation heeft een prima training op maat gegeven, waarbij ze in onze eigen statistieken zijn gedoken. Volgende tips sprongen er voor mij uit:

Van overzicht naar detail

Gebruik eerst de overzichtspagina’s van Google Analytics om je statistieken te analyseren voordat je naar de detailpagina’s gaat om de oorzaken te vinden van de dingen die je zijn opgevallen.

Google Analytics heeft een keur aan mogelijkheden, maar soms is het beter om het zo eenvoudig mogelijk te houden. Zo heeft Google Analytics een aparte pagina voor sociale verkeersbronnen, maar je kunt de statistieken van social media ook prima inzien via de pagina Bronnen onder Verkeersbronnen.

Bekijk de statistieken van Google Analytics niet absoluut maar relatief en vergelijk statistieken onderling. Het percentage unieke bezoekers (Doelgroep > Overzicht) kan bijvoorbeeld afwijken (een bezoeker bezoekt je pagina > een cookie wordt aangemaakt zodat hij als terugkerende bezoeker kan worden gezien wanneer hij je site opnieuw bezoekt, maar de bezoeker heeft ingesteld dat zijn cookies worden verwijderd wanneer hij zijn browser sluit, hij wordt de volgende keer dus weer als nieuwe bezoeker geteld).

Analyse op pagina

Via Analyse op pagina onder Inhoud kun je kijken waar je bezoekers op klikken. Je kunt kiezen uit (een combinatie van) 3 verschillende weergaven: percentages (ballonnen), kleur of browser (geeft aan waar de gebruikers naar kijken).

Let op, als je een combinatie gebruikt van een menu en andere knoppen op je pagina die naar dezelfde pagina leiden, dan krijg je hetzelfde percentage te zien bij zowel die betreffende pagina in het menu als bij de knop. Je kunt hier dus niet zien welke voorkeur de bezoeker heeft: het menu of de knop. Dit kan je wel zien door zelf een doel in te stellen (op bijvoorbeeld de knop). Doelen worden hieronder besproken.

Tijdens de training viel bij dit onderdeel op dat de bezoekers van onze bibliotheeksite absoluut niet scrollen op de homepagina! Iets om rekening mee te houden bij de opbouw van je homepagina.

Navigatie-overzicht

Wanneer je bij Alle pagina’s (Inhoud > Site-inhoud) op de tab Navigatie-overzicht klik krijg je via Vorig en Volgend paginapad te zien welke paden je bezoekers volgen.

Klik 1 betreffende pagina aan om te zien welke route je bezoekers volgen om tot deze pagina te komen. Deze route kun je ook helder krijgen via de optie Doeltrechter bij Doelen (zie hieronder).

Zoekopdrachten

Natuurlijk komen de meeste bezoekers op je site binnen via een zoekmachine. Het is dus interessant om te kijken bij welke zoekwoorden ze op je site komen.

Bij bron kun je zien welke zoekmachines je bezoekers daarbij gebruiken, wees natuurlijk niet verbaasd als er alleen Google staat.

Ook kan je zien hoe lang de bezoeker op je site blijft. Des te specifieker zijn zoekopdracht des te langer hij op de site blijft.

Bij Zoekopdrachten (Verkeersbronnen > Zoekmachineoptimalisatie) kun je per zoekwoord zien op welke positie je in de resultatenlijst van de zoekmachine staat.

Uitstappagina’s

De uitstappagina’s zijn de pagina’s waar de bezoekers je site verlaten. Je vindt deze statistieken onder Inhoud > Site-inhoud. Sommige pagina’s mogen wat betreft uitstappercentage wel hoog scoren. Op onze bibliotheeksite is het logischerwijs goed als de pagina met het databankenoverzicht hoog scoort, want meestal betekent dit dat je bezoeker op een databank klikt (hij surft dan naar de databank en verlaat de bibliotheeksite).

Wil je zeker weten of de bezoeker op een databank klikt, dan kun je die instellen als een doel (zie hieronder). Maar bij meer dan 90 databanken moet je natuurlijk de overweging maken of dit wel loont (zeker omdat je bij het gratis account maar een maximum van 20 doelen kunt instellen).

Ook het bouncepercatage per pagina is het bekijken waard (Inhoud > Site-inhoud > Alle pagina’s). Bouncepercentage is het percentage bezoeken van één pagina (dat wil zeggen, bezoeken waarbij de bezoeker je site alweer verlaat op de instappagina). Een hoog bouncepercentage is niet positief, maar ook dit kun je soms relativeren: de bezoeker komt door een specifieke zoekopdracht via de zoekmachine direct op je databankenoverzicht op je site uit en klikt dan op een databank. Dit levert een hoog bouncepercentage op maar is niet noodzakelijkerwijs slecht.

Doelen

Doelen (onder Conversies, het instellen ervan gebeurt via Beheerder > Profiel > tabblad Doelen) zijn een veelzijdige manier om te meten hoe goed je site aan specifieke doelstellingen voldoet. Er zijn 4 soorten doelen:

  1. URL-bestemming: hoeveel bezoekers telt een bepaalde URL.
    Goed voorbeeld: bedankpagina na contactformulier. Dan weet je dat het contactformulier daadwerkelijk is ingevuld. Dat weet je natuurlijk ook door het tellen van het aantal ingevulde formulieren die je toegezonden krijgt, maar in Google Analytics kun je deze statistieken combineren met andere statistieken – bijvoorbeeld totaal aantal bezoekers die dag en dan kijken hoeveel ervan je contactformulier hebben ingevuld – en ook eenvoudig omzetten in percentages.
    Bij URL-bestemming kun je ook een Doeltrechter instellen: wanneer je contactformulier uit verschillende stappen bestaat, kun je zien of bezoekers tussentijds uitstappen en waar dan precies. De Doeltrechter kun je bijvoorbeeld ook inzetten om te kijken welke stappen (route) je bezoekers nemen om op een bepaalde eindpagina uit te komen (= welk pad gebruiken ze = je hebt een doel bereikt).
  2. Bezoekduur: gemiddeld sitebezoek (zie Doelgroep > Overzicht) en dan bij Doelen een zelf bepaalde ondergrens invoeren als duur. Hierdoor kun je technische mankementen vaststellen (wanneer een pagina een error geeft is de bezoekduur natuurlijk maar kort).
  3. Paginabezoek: bezochte pagina’s groter dan het gemiddelde (zie Doelgroep > Overzicht). Ook hierdoor kun je technische mankementen of bepaalde trends in je sitegebruik ontdekken.
  4. Gebeurtenis: bijvoorbeeld uitgaande link (e-helpdeskbutton, databankurl) of hoeveel mensen kijken een bepaald filmpje dat je op je site hebt gepubliceerd. Meer over het instellen van dit type doel vind je op de Engelstalige ontwikkelaarssite van Google)

Zoals al eerder aangegeven kun je – als je werkt met een gratis account bij Google Analytics – een maximum van 20 doelen instellen (verdeeld over 4 segmenten, 5 doelen per segment).

Mobiel

Wil je weten met welke mobiele apparaten je bezoekers je site bezoeken, ga dan naar Apparaten onder Mobiel (Doelgroep).

Snelkoppelingen

Sommige rapporten gebruik je vaker dan andere rapporten. Bespaar jezelf dan veel geklik door gebruik te maken van snelkoppelingen. Het werkt heel eenvoudig. Boven elk rapport zie je een knop ‘Snelkoppeling’. Klik hierop en het rapport wordt toegevoegd aan de ‘Home’ sectie van je Google Analytics-account. De verwijzingen naar je rapporten vind je in het linker menu onder ‘Snelkoppelingen’. Ook aanpassingen in het rapport, zoals filters, weergaveopties en sorteringen worden meegenomen.

Snelkoppelingen is 1 van de tips uit het bericht  ‘8 handige tips voor Google Analytics‘ op Frankwatching.

Een notitie maken op je tijdlijn

Er zijn externe activiteiten die je statistieken kunnen beïnvloeden, zoals de start van een campagne, het geven van een instructie, vakantieperioden. Deze activiteiten kun je zelf aangeven op je tijdlijn door het aanmaken van een notitie.

  1. Kies een dag
  2. Klik op het pijltje
  3. Klik op Nieuwe annotatie maken
  4. Typ je notitie
  5. Klik op Opslaan

Zorg voor een zuivere sitemap

Kijk via Google (via site:url) of er geen pagina’s zijn die meerdere keren in de resultaten voorkomen (bijvoorbeeld door toevoeging van home). Van deze pagina krijg je dan 2x statistieken: 1x via http://www.mijnsite.nl en 1x via http://www.mijnsite.nl/home. Dit wil je natuurlijk vermijden.

Call to action

Laat (interne) hyperlinks op je site opvallen (via bijvoorbeeld opvallende layout: kleur, gebruik een knop of button, etc). Je ziet bijvoorbeeld in Google Analytics dat op de pagina digitale bibliotheek de pagina databanken het meest wordt aangeklikt, laat deze interne hyperlink dan het meest opvallen door hem bijvoorbeeld bovenaan in het opsommingslijstje te plaatsen. Ze noemen dit in vakjargon: een call to action!

Aan de slag

Jammer dat WordPress.com als enige blogplatform de boot afhoudt wat betreft Google Analytics, ik ben dus bij dit blog afhankelijk van hun eigen aangeleverde statistieken. Maar ik kan nu wel met Google Analytics aan de slag op mijn portfolio (Google Sites), ⓙⓤⓢⓣ 2b ⓘⓝⓕⓞⓡⓜⓔⓓ (Blogger) en My Glee Favorites (Tumblr).

Auteur: LeenLief

De Haagse Hogeschool Bibliotheek & IDM | MA Culturele Informatiewetenschap | InformatieProfessional | Informatiemanagement, tools & vaardigheden | Film & Muziek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s